25-10-2017 | transmurale zorgpaden

Ziek zijn we niet langer in het ziekenhuis!

Foto

Follow the news

In onze regelmatige nieuwsbrief leggen we het vergrootglas op de ervaringen van collega’s. Met kansen, valkuilen, leerzame lessen en inspirerende inzichten.


Abonneren

Of het nu een griepje is, een behandeling tegen kanker, of het herstel van een pittige operatie: we doen het tegenwoordig allemaal thuis, en niet langer in het ziekenhuis. Persoonlijke transmurale zorgpaden zijn nu een gegeven. Hierbij is een goede samenwerking tussen de intramurale zorgverleners (binnen de muren van het ziekenhuis) en de extramurale zorgverleners (buiten de muren van het ziekenhuis) essentieel.                                  
                  

Per jaar heeft bijna 40% van de Nederlandse bevolking contact met een medisch specialist, slechts bij 7,1% van de bevolking is sprake van een opname met overnachting en bij 8,0% van een dagopname (CBS 2015). Er is duidelijk een verschuiving gaande van klinische zorg naar poliklinische zorg. Zorg op afstand (bijvoorbeeld online of telefonische spreekuren) groeit met de dag. Op zich een prettige ontwikkeling voor de zorgvrager, maar op dit moment ervaart de patiënt nog niet altijd de voordelen. Herinrichting van zorgpaden en herpositionering van zorgdisciplines zoals onder andere diëtiek is hard nodig.

 

Tim

Tim, een klein jochie van drie jaar, komt na een stamceltransplantatie weer thuis. Hij draagt een sonde. In het begin van zijn ziekte hadden de ouders niet zoveel vragen over voeding. Tim was bij opname al zwak, dus er moest vrijwel direct een sonde geplaatst worden. Maar in de laatste weken van de behandeling groeit het aantal vragen over eten en drinken gestaag. “Wat mag en kan Tim eigenlijk eten als hij thuis komt? Wanneer mag de sonde eruit? Bij wie kan ik terecht met dit soort vragen?” Al snel blijkt dat de behandelend arts niet veel verstand heeft van voeding. De betrokken diëtist wil alleen iets zeggen als het afgestemd is met de behandelend arts. Er is onduidelijkheid. En dan komt het moment dat Tim naar huis mag. Hij gaat naar huis met een sonde. De ouders besluiten, na een bepaalde periode en na weinig raadgevend advies, de sonde zelf te verwijderen. Ze zijn onzeker, verdrietig en voelen zich niet gesteund. Ze kunnen bij niemand terecht met vragen over welke voeding Tim nu het beste kan eten. Ze zoeken op internet, googelen zich suf. Ze lezen het één en ander over het pureren van eten en besluit een staafmixer te kopen.

 

Een dreumes die nauwelijks vast voedsel kent, moet na lange tijd weer leren eten. Onmogelijk. Zijn moeder vertelde mij over de strijd die zij iedere avond levert om haar kind te laten eten. De twijfel bij de vader en de moeder, de druk op hun relatie, de wanhoop, de onzekerheid en het verdriet. Waar ik me nog het meest over verbaasd heb, is het effect op de andere kinderen in het gezin rond etenstijd.

Deze vader en moeder zijn, net als heel veel andere patiënten, blij om thuis te zijn. Dat zonder meer. Maar niemand zit weer te wachten op een onzekere periode die ook nog eens gevaarlijk kan zijn. 

 

Uit dit voorbeeld wordt duidelijk dat de zorg binnen de muren van het ziekenhuis (in dit geval gericht op het verstrekken van medische voeding) in orde is. Zodra de deuren van het ziekenhuis opengaan, is de overdracht nihil. Dit kan levensgevaarlijk zijn.

Persoonlijke zorg op maat moet op het ‘thuisfront’ nog veel beter ingeregeld worden.

 

Deze verschuiving in het zorglandschap vraagt om herpositionering van het totale pallet aan zorgaanbieders in zowel de nulde, de eerste als de tweede lijn. Voor diëtisten in het bijzonder zijn er uitdagingen, want de zorg verandert snel. Maar er liggen ook kansen als herpositionering van deze paramedische beroepsgroep plaatsvindt onderbouwd door een goed werkend business model. De NVD (de Nederlandse Vereniging van Diëtisten) schetst de onderstaande kansen en verbeterpunten voor haar discipline. Deze liggen in o.a. het verlengde van de eerder beschreven praktijkcase:

 

  • Ontwikkeling van transmurale regionale diëtetiek zorg- en kennisnetwerken: diëtisten zullen elkaar nog beter moeten kunnen vinden. Het heeft de voorkeur de samenwerking vorm te geven in (paramedische) netwerken.

  • Veranderende zorgvraag: dit vraagt om een andere mix van competenties als het gaat om vragen op het gebied van voeding De rol van de diëtist wordt veelzijdiger: niet alleen behandelaar, maar ook coach, regisseur, generalist én specialist, en adviseur.

  • Aandacht voor publieke gezondheid: voorzorg en gemeenschapszorg.

  • Inzet van technologie (eHealth en social media, robotisering, domotica) en hiermee om kunnen gaan.

  • Programmatische aanpak die bewezen (kosten-) effectief is, waarbij specifieke aandacht is voor vergrijzing en multimorbiditeit gericht op kinderen en (kwetsbare) ouderen en mensen met een lage SES.

  • Voeding in relatie tot gezondheid wordt nog belangrijker. Hier liggen veel kansen voor diëtisten, want het vraagt om een uitstekende kwaliteit van de beroepsuitoefening, profilering, positionering en financiering[1].

 Diëtisten zijn BROODnodig, dat moge duidelijk zijn. Om deze kans te pakken is herpositionering nodig.

Purpose helpt diëtisten maar ook andere zorgaanbieders bij dit herpositioneringsvraagstuk en we onderbouwen het met een waardevol businessmodel. De patiënt is hierbij  altijd ons vertrekpunt!

 

[1] Meerjarenbeleid NVD; Praktijk van de Toekomst 2016 -2019




Overzicht nieuws