Home / Kennisbank / Award-winnende sociale innovatie: wat er daarna gebeurde

Award-winnende sociale innovatie: wat er daarna gebeurde

Een award voor sociale innovatie levert zichtbaarheid en netwerk op. Lees welke lessen Purpose meeneemt na erkenning.

Een prijs winnen voor sociale innovatie voelt als een eindpunt, maar is het bijna nooit. De jury beoordeelt een idee op zijn allerbeste dag: de pitch, het prototype, de eerste resultaten. Daarna begint het werk pas echt. Voor iedereen die bezig is met impact ondernemen, is de vraag wat er ná de prijsuitreiking gebeurt vaak veel interessanter dan de prijs zelf. Blijft de aanpak overeind als de aandacht wegebt? Gaan organisaties er daadwerkelijk mee werken? Dit artikel hoort bij de bredere kennisbank over maatschappelijk ondernemen.

Purpose won de prijs voor Duurzaam Credit Management voor de Sociaal Incasso Toolbox, het instrumentarium uit het Doorbraakprogramma Sociaal Incasseren. Een mooie erkenning voor jarenlang werk samen met partners in de hele incassoketen. Wat daarna gebeurde is minstens zo leerzaam: de toolbox groeide uit tot een set van zes instrumenten, er ontstond een community van professionals uit verschillende sectoren, er kwam een publicatie tot stand met Nyenrode Business University, en de Goldschmeding Foundation verlengde haar steun aan het programma.

Hieronder lees je waarom opschalen zoveel moeilijker is dan winnen, wat er nodig is om van een goed idee naar structureel gebruik te komen, en welke lessen dat oplevert voor organisaties die zelf een innovatie in handen hebben.

Waarom een prijs winnen makkelijker is dan opschalen

Een prijs beloont een idee. Opschaling vraagt dat datzelfde idee zich bewijst op een gemiddelde dinsdagochtend, in een organisatie die er niet om heeft gevraagd, bij mensen die het al druk genoeg hebben. Dat is een fundamenteel ander soort werk. Winnen doe je met een klein, gedreven team dat er alles aan gelegen is. Opschalen doe je met honderden mensen die hun werk anders moeten gaan doen, zonder dat zij de euforie van de prijsuitreiking hebben meegemaakt.

Daar komt bij dat de vraagstukken waar sociale innovatie zich op richt vrijwel altijd complex zijn. Oorzaak en gevolg lopen door elkaar, er zijn veel variabelen die elkaar beïnvloeden, en het aantal betrokken partijen is groot. Bij schulden en incasso is dat goed zichtbaar: een huishouden met betalingsachterstanden heeft vaak met meerdere schuldeisers tegelijk te maken, die allemaal hun eigen route volgen. Een oplossing bij één partij verandert het systeem nog niet.

Systeemverandering kost daarom tijd, en dat is voor een innovatieteam een ongemakkelijke waarheid. Besluitvormingsprocessen bij grote organisaties duren lang. Belangen zijn stevig en soms tegenstrijdig. Tegelijk moet je vooruit blijven lopen op de ontwikkelingen, want een instrument dat niet meebeweegt met nieuwe wetgeving of nieuwe technologie veroudert snel. De kunst zit in de balans tussen groot denken en praktisch doen: een ambitie die groot genoeg is om richting te geven, met stappen die klein genoeg zijn om morgen te zetten. Die spanning kennen ook andere sociaal ondernemers die jarenlang aan hun aanpak bouwden.

💡 Kernpunt: Een jury beoordeelt je idee, de praktijk beoordeelt je implementatie. Opschalen is geen groter uitgevoerde versie van je pilot, het is een ander vak met andere vaardigheden.

Wat erkenning wel oplevert voor impact ondernemen

Dat opschalen zwaarder is dan winnen, betekent niet dat een prijs weinig waard is. Erkenning levert drie dingen op die je zelf moeilijk kunt organiseren: zichtbaarheid, geloofwaardigheid en netwerk. Zichtbaarheid zorgt dat organisaties je vinden in plaats van andersom. Geloofwaardigheid maakt het gesprek met een directie of een raad van bestuur korter, omdat een onafhankelijke jury al heeft gewogen dat dit werk ergens over gaat.

Programmamanager Sylvia de Bruijn vatte die waarde bondig samen.

“De award gaf ons een stempel vanuit de markt: dit initiatief heeft waarde.”

Het netwerk is misschien wel het meest onderschatte effect. De andere genomineerden, de juryleden en de organisatoren vormen na afloop een groep mensen die je kent en die jou kent. Wie dat netwerk actief onderhoudt, opent deuren die anders dicht waren gebleven. Bij vraagstukken die je alleen samen kunt oplossen, is dat geen bijvangst maar hoofdzaak. Goed stakeholdermanagement is bij impact ondernemen net zo belangrijk als de inhoud van je oplossing.

Wat een prijs níet oplevert, is minstens zo belangrijk om te weten. Een prijs geeft je geen budget bij de organisaties die je wilt helpen. Hij geeft hun teams geen tijd, geen mandaat en geen capaciteit. Hij verandert hun ICT-systemen niet en verlegt hun KPI’s niet. Wie na de erkenning verwacht dat het vanzelf gaat lopen, komt bedrogen uit.

Wat een prijs doet
Erkenning opent deuren, maar verzet het werk niet
Wat het wél oplevert
Wat je ervoor terugkrijgt
  • Zichtbaarheid: organisaties vinden jou, in plaats van andersom.
  • Geloofwaardigheid: het gesprek met een directie wordt korter als een onafhankelijke jury al heeft gewogen.
  • Een netwerk van genomineerden, juryleden en organisatoren. Het meest onderschatte effect.
Wat het níet oplevert
Wat je zelf moet blijven doen
  • Geen budget bij de organisaties die je wilt helpen.
  • Geen tijd, mandaat of capaciteit voor hun teams.
  • Geen verandering van hun ICT-systemen.
  • Geen verlegging van hun KPI’s.
Wie verwacht dat het daarna vanzelf gaat lopen, komt bedrogen uit.

Van winnend idee naar bruikbaar instrumentarium

De belangrijkste beslissing na de prijs was niet om harder te promoten, maar om het instrumentarium af te maken. De Sociaal Incasso Toolbox bestaat inmiddels uit zes instrumenten die samen de hele route van visie naar uitvoering afdekken. De Leidraad gaat over de afspraken die je maakt met incassopartners. De Meetlat brengt in kaart waar je nu staat en wat je ambitie is. De Klantmodule laat zien hoe klanten jouw incassoproces daadwerkelijk ervaren.

Daarnaast is er de Impact Calculator, die de maatschappelijke en zakelijke waarde van een sociale incassoaanpak in euro’s uitdrukt. De Footprint helpt organisaties om daarover te rapporteren in hun jaarverslag, wat met de groeiende aandacht voor duurzaamheidsverslaggeving steeds relevanter wordt. En SI-professionals is de plek waar teams leren van experts en van elkaar. Samen heten ze binnen het programma de transitieversnellers.

Die opbouw is geen toeval. De instrumenten volgen de lagen waarop een organisatie verandert: visie, beleid, uitvoering en ondersteuning. Een mooie visie zonder aangepaste KPI’s blijft een papieren belofte. Nieuw beleid zonder aangepaste brieven en gesprekken verandert niets aan wat de klant merkt. En zonder de juiste inrichting van systemen en data loopt goede bedoeling stuk op techniek. Door voor elke laag een instrument te bieden, kan een organisatie instappen op het punt waar zij zelf staat.

Even belangrijk is hoe de toolbox tot stand kwam: in co-creatie met kernpartners uit verschillende sectoren en met experts en koplopers uit de hele keten. Dat maakt het verschil tussen een instrument dat een adviesbureau bedacht heeft en een instrument waarin de praktijk zichzelf herkent. Wie zijn innovatie in isolatie doorontwikkelt, bouwt vaak precies datgene wat niemand kan gebruiken.

Waarom een instrument zonder implementatiebegeleiding blijft liggen

Er is een hardnekkig misverstand in innovatieland: dat een goed instrument zichzelf verspreidt. Dat gebeurt zelden. Een model, een scan of een raamwerk is geen interventie, het is materiaal. Downloaden is niet hetzelfde als invoeren. Op vrijwel elke afdeling ligt wel een rapport dat iedereen goed vond en niemand heeft gebruikt.

De reden is bijna altijd dezelfde. Het instrument vraagt om keuzes die niemand alleen kan maken. Wie bepaalt wat een acceptabele betalingsregeling is? Wie besluit dat er minder wordt gestuurd op inningspercentage? Zulke vragen raken beleid, financiën, uitvoering en soms de identiteit van de organisatie. Als er niemand is die dat gesprek organiseert en begeleidt, verdwijnt het instrument in een la.

Daarom is de Meetlat niet alleen een vragenlijst, maar een traject. Medewerkers vullen in duo’s vierentwintig onderdelen in, verdeeld over de thema’s visie, beleid, uitvoering en ondersteuning. Elk onderdeel heeft een omschrijving op het niveau van hekkensluiter, middenmoter en koploper, zodat scoren niet over gevoel gaat maar over herkenbaar gedrag. Ze scoren twee keer: waar staan we nu, en waar willen we heen. Het verschil daartussen is de gap, en die gap is het gesprek.

In de gezamenlijke sessie komen alle beelden op tafel. Vaak blijkt daar dat het management en de uitvoering een heel ander idee hebben van hoe het proces verloopt, of dat de visie en de dagelijkse praktijk verder uit elkaar liggen dan iedereen dacht. Dat ongemak is precies de waarde. Zonder die begeleide confrontatie blijft een instrument een spiegel waar niemand in kijkt.

💡 Kernpunt: Een instrument verandert niets, een gesprek wel. Investeer minstens zoveel in de begeleiding rond je innovatie als in de innovatie zelf.

Van gedeeld beeld naar gedeeld toetsingskader

Een gedeeld beeld van de startsituatie is de opmaat, niet het resultaat. Wat een organisatie daadwerkelijk in beweging brengt, is de vertaling van dat beeld naar een toetsingskader: een compacte set basisregels waaraan je keuzes in beleid en uitvoering kunt toetsen. Niet als extra procedure, maar als antwoord op de vraag die in elk verbetertraject terugkomt. Waar kiezen wij voor als belangen botsen, en wat betekent dat voor de klant die niet kan betalen?

Zo’n kader hoeft niet lang te zijn. Een handvol uitgangspunten volstaat meestal: hoe je omgaat met betalingsproblemen, wat je van klanten mag verwachten en wat klanten van jou mogen verwachten. De waarde zit niet in de formulering maar in het feit dat het kader gezamenlijk is vastgesteld en breed wordt gedragen. Daarmee verschuift het gesprek van geval naar principe. Een medewerker hoeft niet langer per situatie te bedenken wat mag, maar toetst aan een afspraak die iedereen kent.

“Zonder een gedeeld beeld van waar je nu staat, wordt opschalen een optelsom van misverstanden.”

Daarmee is ook duidelijk waarom een gezamenlijk beeld van de startsituatie het verschil maakt zodra je wilt opschalen. Een ambitie zonder gedeelde nullijn levert een plan op dat voor de ene afdeling te groot is en voor de andere te mager. En de voortgang valt achteraf niet te meten, want niemand is het eens over het vertrekpunt. Wie opschaalt zonder die basis verspreidt vooral onduidelijkheid, en dat kost meer tijd dan het zorgvuldig ophalen van het beginbeeld ooit gekost zou hebben.

De stap die daarna het vaakst wordt overgeslagen, is de vertaling naar eigenaarschap. Een gedeeld beeld en een gedragen kader vervliegen als niemand er de volgende maandag iets mee doet. Leg daarom per uitgangspunt vast wat er moet veranderen in beleid, in brieven, in gesprekken en in systemen, wie dat oppakt en wanneer je terugkijkt. Een kort rapport met concrete aanbevelingen werkt daarbij beter dan een uitgebreid adviesdocument, omdat het te overzien is en bruikbaar in een teamoverleg. Het instrument levert de structuur, de begeleiding levert de beweging en het team levert de keuzes. Die drie horen bij elkaar.

Dat mechanisme werkt niet alleen binnen één organisatie. Inmiddels hebben tientallen organisaties uit uiteenlopende sectoren hun eigen incassoaanpak langs de Meetlat gelegd: energiebedrijven, waterbedrijven, zorgverzekeraars, banken, verzekeraars, woningcorporaties, overheden, webwinkels en incassodienstverleners. Die spreiding is veelzeggend, want een instrument dat alleen in de sector van herkomst werkt is nooit een systeeminstrument geworden. Hoe zo’n gestandaardiseerde meting is opgebouwd, staat uitgewerkt in het artikel over gestandaardiseerd sturen op sociaal incasseren.

Een community van professionals houdt de vernieuwing levend

Opschaling loopt uiteindelijk op mensen, niet op documenten. Dat is de gedachte achter SI-professionals, het platform voor de doeners en veranderaars in de incassowereld. De leden werken bij private en publieke schuldeisers, bij incassobureaus en deurwaarders, bij belangenorganisaties. Van medewerkers op de incassoafdeling tot beleidsmakers. Ze stappen over de grenzen van hun eigen sector heen, omdat ze in de praktijk met dezelfde klanten te maken hebben.

Het ritme is bewust simpel gehouden. Elke maand is er minstens één sessie met experts uit de markt, over vaardigheden en kennis die je in de uitvoering direct kunt gebruiken. Daarnaast zijn er sessies over actuele beleidsthema’s zoals wet- en regelgeving. Een paar keer per jaar komen leden live bij elkaar rond een thema. Sessies worden opgenomen en zijn terug te kijken, en de belangrijkste inzichten landen in een leeromgeving, zodat een team dat later instapt niet bij nul begint.

Wat een community toevoegt aan een instrument is vertrouwen. Een adviseur die vertelt dat het kan, overtuigt minder dan een collega bij een vergelijkbare organisatie die vertelt hoe het ging, inclusief wat er misging. Dat verlaagt de drempel om te beginnen en verkort de tijd tussen willen en doen. Het maakt ook zichtbaar dat je niet de eerste bent, wat binnen grote organisaties vaak het doorslaggevende argument is.

Er zit nog een minder zichtbaar effect in. Een community is een sensor. Doordat leden maandelijks vertellen waar zij tegenaan lopen, weet je als ontwikkelaar van een innovatie precies waar je instrumentarium tekortschiet. Zo werd duidelijk dat er ook behoefte was aan een versie voor incassobureaus en gerechtsdeurwaarders, en niet alleen voor schuldeisers. Zonder die terugkoppeling ontwikkel je in het donker.

Het verschil tussen een pilot die werkt en een werkwijze die beklijft

Een pilot starten is verleidelijk eenvoudig. Het kost meestal niet veel, het vraagt beperkt commitment, en als het tegenvalt heeft bijna niemand er moeite mee. Precies daarom leveren veel pilots niet op wat ze beloven. Ze bewijzen dat iets kán werken, onder gunstige omstandigheden, met gemotiveerde mensen en extra aandacht. Dat is iets anders dan bewijzen dat het blijft werken als die aandacht wegvalt.

Een tweede valkuil is dat complexe vraagstukken worden aangepakt alsof ze simpel zijn. In een pilot wordt dan één oplossing getest zonder afstemming met de vele partijen die er invloed op hebben. Het concept sluit vervolgens onvoldoende aan bij de wereld waarin het moet landen, en de pilot wordt een van de vele goedbedoelde initiatieven waar het onderliggende probleem niets van merkt.

Wat wél beklijft, herken je aan een paar kenmerken. Er is een gedeelde urgentie, wat betekent dat iedereen aan tafel het probleem echt als probleem ziet en niet alleen beleefd meeknikt. Er is een gemeenschappelijke basisvisie waaruit keuzes voortkomen. Het proces is iteratief ingericht, met ruimte om aannames bij te stellen als de praktijk iets anders laat zien. En de opbrengst is niet een eenmalig resultaat, maar een werkwijze die is vastgelegd in beleid, in gesprekken, in brieven en in systemen.

Dat is ook de reden dat de aandacht in het Doorbraakprogramma verschoof van losse projecten naar borging: afspraken tussen partijen, gedeelde definities, en instrumenten die organisaties zelf kunnen blijven gebruiken. Een aanpak beklijft pas als je hem niet meer hoeft te verdedigen omdat hij gewoon zo werkt. Dat is bij impact ondernemen het echte eindpunt: niet de prijs, maar de gewoonte.

Meten en rapporteren: de echte test na de erkenning

Zonder data blijft een sociale innovatie een ambitie zonder bewijs. Dat klinkt hard, maar het is de realiteit voor iedere organisatie die verantwoording moet afleggen. Een bestuurder die kiest voor een mensgerichte aanpak wil kunnen laten zien wat dat oplevert, voor de klant én voor de eigen bedrijfsvoering. Zonder cijfers blijft het bij goede bedoelingen, en goede bedoelingen sneuvelen als eerste bij bezuinigingen.

Daarom kreeg meten binnen het programma een eigen plek. De Impact Calculator maakt de maatschappelijke en zakelijke waarde van een incassoaanpak berekenbaar, in samenwerking met organisaties die daar in een proeftuin mee aan de slag gingen. De Footprint vertaalt dat naar rapportage in het jaarverslag. Die combinatie is bewust: berekenen zonder rapporteren blijft binnenskamers, en rapporteren zonder berekening wordt al snel een mooi verhaal zonder onderbouwing.

De urgentie zit ook in de cijfers van het vraagstuk zelf. Het interdepartementaal beleidsonderzoek naar problematische schulden becijferde de maatschappelijke kosten van schulden op minstens 8,5 miljard euro per jaar. Dat bedrag maakt duidelijk waarom een betere incassoaanpak niet alleen een kwestie van fatsoen is, maar ook van economisch verstand. Wie dat inzichtelijk kan maken voor de eigen organisatie, heeft een sterker verhaal dan wie alleen naar het landelijke totaal kan wijzen.

Voor organisaties die zelf willen weten wat hun aanpak oplevert, begint dat bij een goed opgezette impactmeting en effectonderzoek. Niet als eindrapport, maar als instrument om onderweg bij te sturen. Meten is pas nuttig als de uitkomst iets kan veranderen aan wat je morgen doet.

Wat dit betekent voor je eigen innovatie

De weg van prijs naar praktijk levert een aantal lessen op die breder gelden dan één programma of één sector. Wie aan impact ondernemen doet, herkent ze waarschijnlijk. De eerste: verdien de erkenning met werk dat te volgen, te meten en te herhalen is. Een sterk verhaal wint prijzen, maar overleeft de kritische blik daarna alleen als er iets onder zit dat anderen kunnen navolgen. Bouw dat bewijs op vanaf dag één, niet pas als er om gevraagd wordt.

De tweede: verdeel het krediet. Sociale innovatie ontstaat vrijwel nooit bij één partij. Wie samen met partners, klanten, fondsen en wetenschappers werkt, heeft er belang bij dat de erkenning ook bij hen terechtkomt. Dat is niet alleen netjes, het maakt de coalitie sterker en het vergroot de kans dat anderen zich eraan verbinden. Bij business met impact is samenwerking geen randvoorwaarde maar het bedrijfsmodel.

De derde: plan de fase na de prijs net zo serieus als de fase ervoor. Wat is er nodig aan begeleiding, aan doorontwikkeling, aan gemeenschap en aan bewijsvoering? En wie doet dat? Reken erop dat dit meer tijd kost dan de ontwikkeling van het idee zelf. Bescherm daarbij ook de mensen die het gedragen hebben, want een team dat jarenlang tegen de stroom in heeft geroeid is na de erkenning vaak toe aan lucht in plaats van aan een nieuwe sprint.

De erkenning was voor Purpose een tussenstation, geen bestemming. De echte vraag is niet of een aanpak een prijs verdient, maar of hij over een aantal jaren gewoon is hoe het werkt. Anders denken. Anders doen. Wil je verkennen wat dat voor jouw organisatie betekent? Neem gerust contact op voor een gesprek.

Veelgestelde vragen

Wat is de Sociaal Incasso Toolbox?

De Sociaal Incasso Toolbox is een set van zes instrumenten die organisaties helpt bij de overstap naar een mensgerichte incassoaanpak: de Leidraad, de Meetlat, de Klantmodule, de Impact Calculator, de Footprint en de community SI-professionals. Samen dekken ze de lagen visie, beleid, uitvoering en ondersteuning af. De toolbox is in co-creatie met partners en experts uit de hele keten ontwikkeld.

Waarom blijft een goed instrument vaak ongebruikt?

Omdat een instrument geen interventie is. Het vraagt keuzes die meerdere afdelingen raken en die niemand alleen kan maken. Zonder iemand die het gesprek organiseert en begeleidt, verdwijnt zelfs een uitstekend model in een la. Implementatiebegeleiding is daarom geen luxe maar onderdeel van de innovatie.

Wat maakt een community van professionals waardevol bij opschaling?

Een community levert vertrouwen en tempo. Collega’s bij vergelijkbare organisaties vertellen hoe het in de praktijk ging, inclusief wat er misging, en dat overtuigt sneller dan een externe adviseur. Daarnaast werkt een community als sensor: je hoort direct waar je instrumentarium tekortschiet en wat er ontbreekt.

Hoe weet je of een pilot klaar is om een vaste werkwijze te worden?

Als het resultaat overeind blijft zonder extra aandacht, en als de aanpak is vastgelegd in beleid, KPI’s, klantcommunicatie en systemen. Een pilot die alleen werkt dankzij een gemotiveerd projectteam is nog geen werkwijze. Toets ook of er een gedeelde urgentie en een gedragen visie onder ligt, want zonder die twee valt een aanpak terug zodra de druk toeneemt.

Wat levert een prijs voor sociale innovatie op?

Zichtbaarheid, geloofwaardigheid en netwerk. Organisaties vinden je makkelijker, gesprekken met bestuurders verlopen soepeler en je krijgt toegang tot mensen die je anders niet had ontmoet. Wat een prijs niet oplevert, is budget, tijd of mandaat bij de organisaties die je wilt helpen. Dat moet je daarna alsnog verdienen.

Hoe meet je de impact van een sociale innovatie?

Door vooraf te bepalen welke effecten je verwacht en hoe je die zichtbaar maakt, en door zowel maatschappelijke als zakelijke waarde mee te nemen. Bij sociaal incasseren gebeurt dat met een impactberekening die de opbrengst in euro’s uitdrukt, aangevuld met klantervaringen en procesgegevens. Meet gedurende de rit, zodat de uitkomsten je aanpak nog kunnen bijsturen.

Benieuwd wat dit voor jouw organisatie betekent?

Laat je gegevens achter, dan nemen we contact met je op. Geen verkooppraatje, wel een gesprek over jouw vraagstuk.

← Terug naar kennisbank

Meer weten of verder verdiepen?

Deze kennisbank biedt een overzicht van inzichten, onderzoeken en cases uit de praktijk. Gericht op het verbeteren van beleid, dienstverlening en maatschappelijke impact.

Neem contact op

Wij geloven in gelijke kansen voor iedereen. Ongeacht waar je wieg heeft gestaan. Ook al wonen we in een welvarend land, we zien maatschappelijke uitdagingen. Daar willen we oplossingen voor bieden.

Anders denken.
Anders doen.